donderdag 4 augustus 2011

Terug thuis


De vliegreis huiswaarts verliep goed (na nog een zesde burger op de luchthaven). 

Naast me zat een meisje urenlang te huilen, maar eens je de oortjes van de koptelefoon in stak, hoorde je daar bijna niks meer van.

We zijn bovendien weer helemaal “mee” met de laatste films na uren schermpje-staren.

Uiteindelijk geraakten we dus heelhuids terug thuis: dankzij de lift van mijn mama al tot in Gent en daarna – eens de lege batterij van de Renault van Pieter door de pechverhelping was opgeladen- tot in Lauwe.

Als mensen vragen hoe het was, dan weet ik niet zo goed wat ik moet antwoorden: fantastisch mooi? Of koud? Of soms-toch-iets-te basic? Of avontuurlijk?
Allemaal en nog veel meer.

Nu kan ik gewoon verwijzen naar de blog :) Nog zo gemakkelijk!

dinsdag 2 augustus 2011

Vancouver City


Na ons ontbijt (met ketchup) in het hotel stappen we 6 blocks op weg om een fiets te huren.
We vatten onze tocht omheen de stad en langs Stanley park en de Vancouverse stranden aan… en we genieten ervan! De stad is duidelijk voorzien op fietsers en in het park zijn er heel veel weggetjes uitgestippeld, waar je je met de zeebries door je haar kan laten meevoeren.

We picknicken bij het meer (en voeren de eendjes) (boterham met nutella) (allez, voor ons met nutella, voor de eendjes gewoon boterhammen) en doen nog een terrasje.

Na een kleine tegenslag (lekke band bij Pieters fiets) en een omweg langs onze bike rental ga ik nog heel even  op het strand een boekje lezen (dat doen normale mensen zeker op reis?? Ik begrijp waarom: dit is leuk!) en gaat Pieter efkes “putten” op het golfterrein.

Na nog maar eens een douche (gisteren namen we er ook al eentje!) gaan we weer lekker uit eten (op dezelfde plaats als gisteren) (omdat het lekker was) (en omdat het telkens ergens anders heen moeten blijkbaar toch belastend wordt). Rijst met scampi’s en basa (een vis waarvan we eigenlijk niet weten hoe hij heet), t is weer eens iets anders dan frieten met een burger (dat namen we gisteren = burger 5).

Als afsluiter pikken we nog een stand-up-comedy optreden mee (leuk) en genieten we nog van een bubbelbad en partijtje pingpong in het hotel.

Morgen keren we gewoonweg terug naar huis… Wow… Moeilijk te geloven…

maandag 1 augustus 2011

Uuuuren (?) wandelen in Macmillan provincial park


Vanaf onze camping is het een klein half uur rijden naar wat één van de laatste highlights van onze reis moet worden: Macmillan provincial park met zijn cathedral groves. Dit park is wereldberoemd vanwege de giganten van bomen die er te zien zijn en er lopen meerdere trails doorheen.
De drukte valt ons meteen op (er staat een file!): dit moet de moeite zijn! Pieter en ik trekken onze wandelboots aan en kiezen voor wat op de kaart de langste trail lijkt! 700m en een 3-tal dikke bomen later loopt het padje dood en kiezen we voor een ander trail. 500m later en de biggest tree (wel een mastodont) later zijn we rond met deze trail. Na nog een klein toertje te hebben gedaan blijken we al rond te zijn… Oei, een kleine afknapper toch wel.

We besluiten voor alle zekerheid (om zeker nog plaats te hebben) al met de overzetboot terug te keren naar Vancouver city. We vrezen dat het drukker zal zijn nu we de shuttle uit Nanaimo willen nemen, maar dat blijkt geen enkel probleem. Tegen 15u komen we al over het water aan en tegen 16u zijn we ingecheckt in ons hotel. We maken nog een wandeling door ’t stad, zitten nog een half uurtje op het strand en kijken al uit naar onze fietstocht morgen (met fietsen die we dan maar zelf huren, gezien ons Best Western hotel zijn afspraken niet echt nakomt :().

zondag 31 juli 2011

Wandelen in Goldstream provincial park… langs de autostrade


We keren ’s ochtends nog wat moetjes terug naar de auto (een klimmende wandeling van 2 km met de grote rugzak) en vatten de tocht naar Nanaimo aan. We willen overnachten tussen Nanaimo en Macmillan Provincial Park (dat morgen op de planning staat). Aangezien onze 2de wandeling aan Sombrio wegens beer-gevaar in het water is gevallen (deze keer gelukkig niet letterlijk ;-)), besluiten we al een stukje van de 150km te rijden die we voor de boeg hebben en eens te stoppen in Goldstream provincial park, ons aangeraden door een dame van het infocentrum in Victoria.

Het provincial park is op zich misschien “niet mis”, maar de voorbije dagen en weken zijn we  natuurlijk enorm verwend geweest. Het stoort ons dat er op onze tocht steeds auto’s te horen zijn en het is ons er sowieso wat te druk (om de km komen we wel iemand tegen, stel je voor!)
De wandeling van 10 km belandt dus prompt helemaal onderaan onze lijst met favoriete wandelingen in Canada.

We rijden verder op zoek naar een camping en besluiten voor de luxe te gaan: een camping met douches! Niet ver van Nanaimo vinden we er zo eentje, in een klein stadje waar we meteen ook uit eten gaan! We kiezen deze keer –op aanraden van de locals- voor fish and chips (cod and chips om helemaal correct te zijn) en beklagen het ons niet.

Maar wat eten ze hier toch vettig!! Ik dacht dat de eetcultuur in Canada stukken gesofisticeerder was dan in de USA, maar dat is dus geenszins het geval. Elk restaurant lijkt moreel verplicht burgers en ribs op het menu te hebben en OVERAL eten ze ketchup en/of slagroom bij.

We kruipen voor de allerlaatste keer in ons tentje. Vanaf morgen op hotel!

P.S. Happy birthday mama!!!

zaterdag 30 juli 2011

de Juan De fuca-trail


In een lange rit rijden we naar de Juan de Fuca-trail, aan de westkust van Vancouver Island. Hoewel we slechts 70 km moeten rijden, doen we er 2u over. (Om wat voor reden dan ook worden hier om de 20m verkeerslichten neergepoot!)

Bovendien moeten we onze plannen wat aanpassen: in principe wilden we op Sombrio-beach slapen en van daaruit 2 wandelingen maken de komende 2 dagen. Op Sombrio is de kampeerplaats echter afgesloten aangezien er een “bad bear” is gesignaleerd. Uiteindelijk begeven we ons dan ook naar Mystic beach in de plaats, helemaal aan het begin van de trail.

We nemen tijdens de eerste 2 wandelkm de zware rugzak mee tot aan de kampeerplaats die dus effectief op het strand ligt. Van daaruit zullen we met onze kleine rugzakken een tocht van 15km maken. 

We hebben een enorm romantisch beeld van slapen op het strand. We zien het al helemaal voor ons: enkel gekleed in zwembroek en bikini een kampvuurtje stoken, met ons haar in de wind ondertussen naar een prachtige zonsondergang staren, terwijl een kampgenoot romantische liederen speelt op de gitaar.

Zoals zo vaak blijkt de realiteit “iets” anders te zijn. Op de smalle strandstrook (10m?)  aangekomen blijkt er een wel heel felle wind te staan: niet zo eentje die voorzichtig door je haren waait, maar eentje die je hele kapsel al na 1 minuut volledig verprutst heeft… In deze wind proberen we onze tent op te zetten, die voor dit weer plots mega-groot (lees: niet al te geschikt lijkt). Maar, ach, we hebben al voor hetere vuren gestaan en nadat we +/- 100 keien hebben aangesleurd en op onze tent hebben gedeponeerd, zijn we vrij zeker dat we er straks geen extra loopoefening bij zullen krijgen (de 100 meter achter-de-tent-aanlopen)… 

We beginnen dus (half) gerust aan onze wandeltocht! Meteen zijn we blij verrast door het “coole” wandelpad: we bevinden ons precies in de jungle! Mooie grote bomen, hangbruggen, stijgen en dalen tussen boomtakken door. Echt leuk!

Terug op het strand blijkt onze tent er nog te staan! (een meevaller :) )De wind is zelfs wat gaan liggen.
We kunnen dus toch op ons gemak spaghetti klaarmaken in de gamellen en van een (half geslaagde) zonsondergang genieten. Dit komt écht wel goed, denken we!

Zodra de zon is ondergegaan vallen we in slaap in ons tentje. Maar niet voor lang… Rond 1u ’s nachts word ik wakker en heb ik het gevoel dat een tsunami ons elk moment zal overvallen. De zee is nog wilder en nog dichterbij dan gistermiddag. Je hoort jezelf bijna niet nadenken, zo luid botsen de golven tegen de rotsen aan, een paar meter bij ons vandaan.
Angstig schijn ik regelmatig naar buiten met de zaklamp. Pas na een uur of zo, zorgt eb ervoor dat het iets rustiger wordt en dommel ik toch weer verder, zij het nog wat onrustig…

Ik besluit dat ik “slapen op het strand” van mijn lijstje mag schrappen met dingen die ik 1 keer wil doen in mijn leven.

En Pieter? Die sliep lekker die nacht! Of wat dacht je ;-)

vrijdag 29 juli 2011


Via een (niet erg efficiënt?) netwerk van highways komen we ’s morgens in Tsawassen aan (dichtbij Vancouver), ruim op tijd voor de shuttle-boot van 11u die ons naar Vancouver Island zal brengen in een tocht van iets meer dan 1u30. We rijden met de auto de boot op en de tocht over de Juan de Fuca-straat begint.

Het is hier schitterend weer: temperaturen van boven de 25 graden. De boottocht is mijn nieuwe happy place: in het zonnetje op het dek over het rustige water, waar je zeehonden en zee-arenden ziet passeren. Onze mini-cruise! Het kan slechter, nietwaar?

Aangekomen op Vancouver Island moeten we nog een klein stukje rijden tot in de hoofdstad Victoria, waar we vannacht in een 4-sterren-hotel slapen. Ze blijken ons daar bovendien een upgrade naar een guest room gegeven te hebben: een compleet appartementje! We kunnen “huisje” spelen: we doen de was, gaan om boodschappen en maken een lekkere wilde zalm klaar (HEERLIJK!)

Ondertussen hebben we ook nog tijd gehad om langs de haven en parken van Victoria te slenteren. Leuk, hoor! En toch verlangen we al weer naar de “backcountry” :) (Maar dat is voor morgen!)

donderdag 28 juli 2011

In de auto, op weg naar Vancouver


We verlaten ’s morgens op ’t gemakje onze berghut om de tocht naar Vancouver (+/- 750 km verderop) aan te vangen. Ik rijd de eerste 4 uur (300km) tot in Kamloops, daarna neemt Pieter over. Meer dan 100km/u rijden is hier nergens toegelaten. De bochtige highways maken de tocht extra vermoeiend…

Onze tussenstops zijn bovendien niet erg ontspannend: de overgang van 10 eekhoorns per dag naar 1000 mensen op een minuut is wel érg groot…

Uiteindelijk komen we rond 19u aan op de camping waar we onze zinnen op hebben gezet, op 60 km van Vancouver. Prachtig gelegen (eens je het gevonden hebt dan toch)… maar volzet! We besluiten aan het idyllische meer gewoon ons avondmaal op te eten en dan het eerste het beste motel binnen te stappen. Zo gezegd, zo gedaan.

We duimen heel de nacht, aangezien papa een ablatie ondergaat en worden als een nieuw persoon wakker (en papa ook)!